Header image  
de wandelsite van
Wim Alberts en Hedzer Kooistra
 
line decor
  
line decor
 
 
 
 

 
 

Het Trekvogelpad

1e etappe
Bergen aan Zee-Akersloot 28 km
16 Februari 2005

Het is 8.45 uur en we zijn gereed voor de start van de 1e etappe van het Trekvogelpad. Het geeft altijd weer een “exciting” gevoel te kunnen beginnen aan een nieuw LAW-pad. Vanuit een heel ander perspectief Nederland ontdekken. Vandaag wandelen we van Bergen aan Zee - via Egmond a/d Hoef en Alkmaar - naar Akersloot. Een afstand van ongeveer 28 km. In eerste instantie hadden we op deze dag wel wat verder willen wandelen. Maar na bestudering van het kaartje en de tekst blijkt er na deze afstand een pontje op de route te liggen. Het pontje bij Akersloot over het Noordhollandschkanaal. Dat geeft qua vervoer wat praktische problemen.

Als we beginnen is de “Zee” van Bergen aan Zee nergens te bekennen. Jammer. Kennelijk is besloten de route niet vanaf de grote zee en haar prachtige stranden te laten beginnen, maar bij het fraaie pand “Het Zeehuis”, een zogenaamd Natuurvriendenhuis van het NIVON. Deze Natuurvriendenhuizen lenen zich bij uitstek voor een vakantie in de natuur en liggen dan ook op de mooiste plekjes in Nederland; de duinen, de Utrechtse Heuvelrug, de Zuidelijke en Oostelijke Veluwezoom en Twente. Behalve voor onderdak kan men bij deze accommodaties ook met een tent terecht op het bijbehorende natuurkampeerterrein. Langs het Trekvogelpad staan vijf van dergelijke Natuurvriendenhuizen. We verwachten er zeker gebruik van te zullen gaan maken.

We stappen eerst “Het Zeehuis” binnen om twee toegangskaarten voor het Duinreservaat te kopen. Het geeft ons gelijk de gelegenheid om even in het statige pand binnen te koekeloeren. We worden niet teleurgesteld. Het ziet er groots en fraai uit met een heel gezellige en familiaire uitstraling. Twee spelende kinderen staren ons met verbaasde ogen aan. Een tik op de bel bij de balie garandeert de komst van een uiterst vriendelijk en behulpzame man. De huismeester gokken we. Na de kaartjes à € 1,10 betaald en ontvangen te hebben verlaten we Het Zeehuis en slaan linksaf de route op.

Voor ons een omvangrijk en begroeid duingebied met loofbomen, sparren en het zo bekende helmgras. Een oude klinkerweg voert ons verder het duingebied in. Rechts naast de weg dringt zich een groot bord op met de tekst: “Welkom in het Noordhollands duinreservaat. Ingang Verspyckweg”. De gastvrijheid laat dus niets te wensen over. We stappen maar liefst 8 kilometer duin- en wandelgebied binnen. Volgens Wim’s zwager Fred en zijn vrouw Eveline een heel fraai wandelgebied. Het wandelkaartje bevestigt in ieder geval hun voorspelling.

We kijken onze ogen uit wanneer we, dan weer stijgend en dan weer dalend, het duingebied doorkruisen. Nooit geweten dat duinen zo hoog konden zijn. Dat in een ver verleden het samenspel tussen wind en zand dit effect heeft gehad. Of de aanwezige flora ook een speling der natuur is, vragen wij ons af. Volgens ons is de flora het resultaat van mensenwerk. Mensenwerk om te voorkomen dat al dat zand oncontroleerbaar en in alle windrichting verdwijnt. Onmiskenbaar een middel in de strijd tegen het altijd maar weer oprukkende water van de zee.

In de open vlakten zien we dat verschillende soorten mos hun stekje hebben gevonden. Donkergroene mossen en de meer lichtgroene mossen. De lichtgroene mossen groeien sneller. Ze beginnen de trager groeiende donkergroene mossen te overwoekeren. Daar tussendoor plukjes en struikjes heide en een enkele halm helmgras. De wereld is afgedekt door een dikke wolkendeken. Het is gelukkig droog.
De buitentemperatuur zal een graad of 3 bedragen. We zijn er op gekleed.

Na het passeren van een vredig duinvennetje treffen we een bank aan. Tijd voor ons eerste bak koffie. Een enkele fietser passeert. Het zijn hoofdzakelijk mountainbike’s waarop de mensen rond fietsen. Logisch, want het gebied leent zich daar uitstekend voor. Het is inmiddels 9.15 uur.

We gaan weer en volgen het bos- en duinpad. Heidevelden worden afgewisseld door bospercelen waar merkwaardig groeiende beuken- en eikenbomen staan. Met hun kronkelende takken lijkt het alsof ze niet omhoog willen groeien maar alleen in de breedte. Alsof een zekere angst voor de hemel bestaat. Vreemd. We kunnen het niet verklaren.

Naarmate we verder het duingebied in wandelen lijken de toppen van de duinen hoger en hoger te worden. Een prachtig gezicht. Het duin- en bospad slingert zich om de voeten van deze toppen heen. Na elke bocht is het weer een verrassing wat we te zien krijgen. Welk panorama ons dan weer voorgeschoteld zal worden. En telkens is dat anders. Heel fraai. Een prachtig stukje zeekustnatuur. Fraai gekneed en gevormd door weer, wind en zand.

Het valt ons op, dat er helemaal geen konijnenholen en –keutels te zien zijn. Vreemd, want het duingebied is toch bij uitstek de habitat van deze huppelbeestjes. Pas als we het duingebied bijna achter ons laten ontdekken we het eerste holletje. En daarvoor gedeponeerd een keurig hoopje bruine keuteltjes. Ze zijn er dus wel!

We ruiken de geur van sparre- en kerstbomen. We horen de absolute stilte. Zelfs geen zuchtje wind of dwarrelend zandkorreltje. Alleen af en toe een enkel vogeltoontje. En als je hier wandelt op deze gewone woensdag lost iedere notie van tijd en plaats op in de abstractie van alomtegenwoordige stilte en rust. Heerlijk. We blijven regelmatig enige minuten stil staan om die weldadige rust op ons in te laten werken. Om ons daar aan over te geven. Wat een geestelijke ontspanning geeft dat.

Via het “uitzichtpunt” wandelen we verder richting Egmond aan de Hoef. Vanaf het “uitzichtpunt” een fraai zicht op de omgeving. Rechts richting het westen zien we de zee. Voor het eerst vandaag. Links van ons in het oosten is duidelijk Alkmaar te onderscheiden. Vanaf dit “uitzichtpunt” is goed te zien het overgangsgebied tussen zee, duinen en achterland. Het heidelandschap rechts duidt op kalkarme grond. Het meer gevarieerde landschap links duidt op kalkrijke grond. Volgens het gidsje groeit hier het geelwitte duinroosje en de meidoorn.

Ter hoogte van het buurtschap Duyncroft volgen we precies de overgangsroute tussen duingebied en achterland. Polderland. Rechts van ons de beboste en begroeide duinen. Direct links van het wandelpad de akkers die in het voorjaar weer een kleurrijke deken vormen vanwege de vele soorten tulpen, narcissen en hyacinten. Wij zijn duidelijk te vroeg. Wel zien we het nodige groen al de kop op steken. Het zachte voorjaar en de verkwikkende zon masseren de grond rond de verschillende bollen, waardoor deze beginnen uit te lopen. Wonderlijk die natuur.

Sneeuwklokjes begroeten ons wanneer we rond 11.30 uur Egmond aan de Hoef binnenwandelen. De plaats bekend om zijn grote slot; het slot van Egmond. Door de geuzen tijdens het beleg van Alkmaar in 1573 verwoest. De graaf van Egmond was eerder aal door de Spanjaarden onthoofd. Er is dus niet veel verandert in de loop der tijden. Hoezo … ontwikkelde samenleving! De contouren van het slot zijn nog duidelijk zichtbaar. Inderdaad, het moet een enorm slot geweest zijn. Een bronzen beeld van de ongelukkige graaf is bescheten door vogels. De grote van de witte poep duidt op meeuwen. Ze hebben geen enkel ontzag en respect.

Via de Zuidermeerpolder wandelen we verder in de richting van de “Heilooër Bosschen” om daar vandaan richting Alkmaar te wandelen. Het bos schijnt bijzonder rijk te zijn aan paddestoelen; ook is er een reigerkolonie.

We lopen via een tunneltje onder de zuidelijke Rondweg door. Het bord bebouwde kom Alkmaar passerend. Het is 13.00 uur geweest. Voor ons de stad Alkmaar aan het Noordhollanschkanaal. Een belangrijke stad in het heden, maar zeker ook in het verleden. Het Noordhollandschkanaal moest Amsterdam bereikbaar houden voor de steeds groter wordende zeeschepen. Immers, het Noordzeekanaal was er nog niet. In 1876 voldeed het Noordhollandschkanaal niet meer en werd vervangen door het Noordzeekanaal.

We wandelen langs het sportcomplex van Alkmaar. De bekende kunstijsbaan “De Meent” ontgaat ons. De aandacht wordt getrokken door een luidruchtige maar vrolijke groep ouderen. Zo te horen hebben ze veel plezier met elkaar. Als we ter hoogte van deze groep staan, gescheiden door een brede sloot, ontdekken we de reden van het plezier; ze spelen op een “Jeu de Boules”-baan. Een groot bord geeft aan, dat we hier met een heuse Jeu de Boules vereniging hebben te maken met de naam ‘l autres chemin”. Hoe toepasselijk.
De Petanque is de meest verspreide variant van deze bekende Franse 'Jeu de boules ', waarbij vaardigheid, concentratie en teamgeest centraal staan. Kortom, een lifetime-sport voor het hele gezin, van jong tot oud.
Even verderop passeren we de voetbaltempel van AZ. Nu leeg en verlaten. Bij thuiswedstrijden betreden door duizenden aanhangers en voetbalvrienden van AZ.

Gekomen bij het oude centrum van de stad, wandelen we een eind langs de brede gracht. Aan de overkant de oude stadswal en korenmolen. Even verderop gebruiken we de smalle brug om aan de overkant linksaf verder te gaan. In de richting van een soort van bolwerk. Het ziet er allemaal heel fraai uit. Links de oude gracht, rechts het oude centrum en oom ons heen enkele - gezien de omvang - zeer oude bomen.

We slaan rechtsaf de Gasthuisstraat in en passeren de indrukwekkende Grote St-Laurenskerk. Vervolgens duiken we via de Langestraat het oude centrum in. Prachtige panden en pandjes en overal winkels en winkeltjes. Van alles wat. Steeds links- en rechtsafslaand laat de route ons slingeren door het oude centrum. Hedzer en Wim waren beiden niet eerder in Alkmaar geweest en hebben daar nu spijt van. Want de vele oude panden, ophaalbruggetjes, marktplaatsjes en nauwe straatjes bekoren ons. Hier zullen we zeker terugkomen. Zeer de moeite waard.

Even verderop op de stadswal pauzeren we. Een kop koffie en wat brood hebben we nodig. Het is inmiddels 14.00 uur en het valt ons allebei op, dat het duidelijk kouder wordt. We hebben er ongeveer 18 km op zitten.

Via een aantal jaren-60-wijken verlaten we Alkmaar. We duiken weer onder de Rondweg door en zien voor ons het industrieterrein Boekelermeer liggen. Dat is wel even een overgang. Via de Boekelermeerweg wandelen we in zuidelijke richting naar Akersloot. Links kolossale bedrijven, rechts - deels afgebroken - oude huisjes. Het contrast is groot. Nog maar kort geleden hadden de bewoners een groots uitzicht rondom. Nu helemaal niets meer. En de vooruitgang rukt verder op, want de nog aanwezige woningen zullen allemaal het veld moeten ruimen. Het is beslist het lelijkste stuk van onze wandeletappe vandaag. Jammer.

Wim heeft met zijn zwager Fred afgesproken ongeveer een half uur voor het eindpunt te bellen. Fred zal ons namelijk ophalen bij het eindpunt en terug rijden naar het startpunt. Geweldig natuurlijk. Wim schat aan de hand van het kaartje in, dat bij “Huize Alida” dit halfuurspunt bereik wordt. Maar hoe we ook kijken en speuren. Geen “Huize Alida” te zien. Als we ons via het wandelkaartje vrij exact kunnen positioneren ontdekken we, dat “Huize Alida” niet meer bestaat. Verdwenen, is onze conclusie. Net als al die andere woningen en boerderijen. Toch maar Fred bellen.

Er lijkt geen einde te komen aan de Boekelermeerweg. Er is ook weinig te zien en te beleven. In de verte doemt een grote molen op. Als we wat dichterbij zijn gekomen ontwaren we weer het echte Hollandse polder landschap. Wilgenbomen waarvan de takken beginnen uit te lopen, rietkragen en overal slootjes, dijkjes en bruggetjes. Dit is wat we graag willen zien in dit uitgebreide polderland. De waterwerken kenmerken zich door grote niveauverschillen. Over de dijken en dijkjes van de Zwartedijkspolder naderen we de molen. Fraai gerestaureerd. Een mooi gelegen plek om even te zitten en van het wijds uitzicht rondom te genieten. Rechts in de verte zien we de dampende schoorstenen van Chorus, beter bekend als de Hoogovens. We zien de duinen, bossen, polderland en grote en kleine kerktorentjes. Jammer dat het niet wat warmer is op deze winderige vlakte, want is zou anders de moeite zijn hier even te verblijven.
Maar hier op deze poldervlakte maakt de aantrekkende wind het flink koud en lokt ons niet aan even te blijven.

Om 15.45 uur wandelen we de bebouwde kom van Akersloot binnen. Verderop zien we een belangstellend persoon onze kant op wandelen. Als Wim zijn arm een voorzichtige zwaaibeweging laat maken, reageert die persoon ogenblikkelijk. Dat moet Fred zijn, die ons vast tegemoet is gewandeld. De ontmoeting is hartelijk en we vinden het bijzonder fijn dat hij ons op deze wijze wil helpen. We moeten hem even uitleggen dat ook het laatste stuk van deze etappe bij het Trekvogelpad hoort. Fred vertelt, dat jaren geleden het pad meer oostelijker was gelegen langs het Noordhollanschkanaal. Het pad heette toen het Waterlandpad.

He is een klein kwartiertje later als we de parkeerplaats bij het pontje oplopen. We stappen in de auto van Fred en rijden via Heiloo en Egmond aan de Hoef richting “Het Zeehuis” bij Bergen aan Zee.
De 1e etappe van het Trekvogelpad heeft veel indruk op ons gemaakt. Een grote variëteit in landschap, flora en fauna. Zeer de moeite waard. En Fred, bedankt voor het rijden!

Naar volgende etappe: Akersloot-Purmerend


 

fotoshow