Header image  
de wandelsite van
Wim Alberts en Hedzer Kooistra
 
line decor
  
line decor
 
 
 
 

 
 

Het Noaberpad

8e etappe
Enschede-Zwillbrock 30 km
26 Juni 2004

 In ons hotel gaan om 7.00 uur in twee kamers de wekkers af. Tijd om op te staan voor een nieuwe wandeldag. Vandaag voert het Noaberpad ons van Enschede-Zuid naar het Duitse grensgehucht Zwillbrock, gelegen in het achterland van Eibergen. De weersvooruitzichten voor vandaag lijken heel gunstig. Als we naar buiten kijken wordt dat inderdaad bevestigd. Een strak blauwe lucht en zonneschijn. Een heel andere start als gisterenmorgen in De Lutte. Ook dat maakt wandelen aantrekkelijk in ons kikkerlandje. 

Na een uitgebreid en stevig ontbijt stappen we om 8.15 uur in de auto en rijden richting Zwillbrock, ons eindpunt vandaag. Daar zullen we de auto parkeren om vervolgens per openbaar vervoer af te reizen naar ons startpunt in Enschede-Zuid. Uit informatie via de website voor openbaarvervoer (www.9292ov.nl) op internet bleek ons eerder dat vervoer telefonisch geregeld moet worden met Mobitax. Dat hebben we vooraf gedaan. En zoals afgesproken verschijnt om 9.20 uur voor café/restaurant ‘Grenszicht’ aan de Vredenseweg  - een paar honderd meter van de parkeerplaats bij Zwillbrock -  een 8-persoons busje om ons via Eibergen naar het startpunt Hesselinklanden in Enschede-Zuid te brengen. Een geweldige vorm van openbaar vervoer zo’n privé chauffeur. Wel een prijzig ritje, omdat het reisdoel buiten het regiogebied van deze regiotaxi ligt. Voor het ritje dat een klein half uurtje duurde moeten we gezamenlijk 26 euro neer tellen. Poeh-poeh! 

Na een vriendelijk afscheid van de regiotaxi-chauffeur starten we om 9.55 uur met de wandeletappe die vandaag ruim 30 kilometer lang zal zijn. Het is eerst even een kleine driehonderd meter lopen naar het beginpunt van vandaag: ‘ Het Stroink’. Op dat punt is de aansluiting met het Noaberpad weer een feit. 

Het is prachtig en warm weer. Het zal nu een graad of 20 zijn en de voorspellingen gaan in de richting van de 25 graden vandaag. Heerlijk. We hebben allebei de korte broek en een T-shirt aan. Kunnen we gelijk vast wat bijkleuren voor de komende vakantie. Hedzer gaat richting Bled in Slovenië en Wim gaat naar de Ossiachersee in Karinthië / Oostenrijk. 

We wandelen de Groene Laan in. Een brede landweg met een fietspad er naast gelegen. Om ons heen veel bomen en doorkijkjes naar open veld. En als grote paraplu over dat alles, de blauwe lucht met een uitbundig schijnende zon. Het lijkt wel of de natuur de natte dag van gisteren goed wil maken. Dat lukt.

Slingerende paden brengen ons bij een grote bosvijver met aan de overkant een bijzonder fraai landhuis; ‘Smalenbroek’ genaamd. Inderdaad met 1 ‘L’. Ietwat vreemd, maar er zal hiervoor wel een reden zijn. De weinige mensen die we ontmoeten kunnen het ons echter niet vertellen. We zien op het landgoed ‘Smalenbroek’ een grote verscheidenheid aan inheemse- en uitheemse bomen. En dat geeft een grote veelzijdigheid en variatie in de groene kleuren. Op een houten bankje met uitzicht over de vijver drinken we een heerlijke kop koffie. Wat kan een zon veel kleurenpracht teweeg brengen. 

Via een voormalige spoorbaan, die nu de Haarweg heet, vervolgen we onze weg in de richting van het natuurreservaat ‘Witte Veen’, Links en rechts zien we fel rood gekleurde ‘klaprozen’ en diverse planten en bloemen. Allemaal hun bloemen geopend voor het licht en de warmte van de zon. Overal om ons heen horen we bijen, hommels en wespen gonzen in de lucht. Op zoek naar nectar. En vandaag kunnen ze er goed bij. Er is overvloed. In de weilanden grazende of herkauwende koeien. Zwartbonte, roodbonte en blondes. Ze zien er zo op het oog gezond uit met hun glanzende huiden. Her en der verspreid zien we weer de prachtige Saksische boerderijen. Zo heel kenmerkend voor dit oostelijke deel van Nederland. En ook hier weer veel rust en ruimte. Perfect. 

Om 11.30 uur stappen we via een hek en een wildrooster het ‘Witte Veen’ binnen. Een groot informatiebord leert ons dat hier ook Schotse Hooglanders aanwezig zijn en op een speciale manier benaderd dienen te worden. “Niet door een kudde lopen” en “Niet te dicht bij moeder en kalf komen” zijn duidelijke waarschuwingen. We waren dat ook absoluut niet van plan, want hoewel het allervriendelijkste dieren schijnen te zijn, hebben we veel ontzag en respect voor ze. Vanwege die enorme horens en omvangrijke lijven. Al lopend door dit ‘Witte Veen’ is er toch een zekere spanning bij ons aanwezig, omdat een ontmoeting met deze grote dieren reëel is. Aan de ene kant prachtig, aan de andere kant spannend! 

We lopen nu al enige tijd over een breed zandpad door heidevelden en hoogveengebied. Hier en daar groepjes berkenbomen, maar ook de jeneverbesstruiken. Het geheel wordt gecompleteerd door grote en kleine vennetjes waar libellen het voor het zeggen hebben en alle insecten vangen en verslinden die ze maar te pakken kunnen krijgen. Het landschap van het ‘Witte Veen’ is af en toe wat glooiend en grote ‘koeienvlaaien’ attenderen ons op de aanwezigheid van de ‘Schotse’. Interessant om te zien dat veel insecten profiteren van deze deels nog vloeibare of deels gedroogde ‘vlaaien’. Een wereldje op zich. We zien torretjes, vliegen maar ook een soort van wesp in en uit de vlaaien kruipen. Ze schijnen er van te genieten. Nou ja, ieder z’n lust en z’n leven! 

Het heide- en veengebied gaat over in bosterrein met uitgesleten zandpaadjes, die ons kronkelend en slingerend door het bos laten wandelen.  We zijn bij een tweesprong aangekomen en de markering geeft aan dat we linksaf moeten. En als we even verder rondkijken zijn we daar eigenlijk heel blij om. Want op het rechterpad zien we namelijk een kleine honderd meter verderop een grote kudde Schotse Hooglanders staan. Ze schuilen onder de bomen tegen de felle zonnestralen, maar blokkeren daarmee ook het aanwezige pad. We tellen er meer dan 30. Een hele kudde dus. Het is een heel fraai gezicht om dat te zien. Maar ook indrukwekkend. Heel indrukwekkend! 

Onze wandeling gaat verderop over afwisselend houten vlonders en bospaadjes. Enkele van die vlonders zijn honderden meters lang. Het is nodig want hier in het stroomgebied van de Buursebeek is het drassig. En als we goed kijken zien we sporen van hoge waterstanden van deze beek. De vlonders lijken inderdaad geen overbodige luxe. Ze zijn nodig, anders kom je niet door dit gebied. Een oeroud stukje Nederland, dat laat zien hoe het er eeuwen geleden in grote delen van ons land moet hebben uitgezien. Hoewel de lucht strakblauw is en de zon zich doet gelden bevinden we ons nu in een wat donker gedeelte van het natuurreservaat. Veroorzaakt door de vele bomen en lage en dichte begroeiing van jonge scheuten en struiken. De temperatuur, de vochtigheid en de schaduw staan vaak garant voor een plaaggeest van bijna elke wandelaar; de horzel. Het verleden leert dat Hedzer weinig last heeft van de gevolgen van een horzelsteek, terwijl Wim er grote blaarachtige bulten van krijgt. We letten enige tijd meer op de aanwezigheid van horzels op onze huid, dan op de prachtige wereld om ons heen. Het is niet anders.  

Na vele kilometers door het ‘Witte Veen’ wandelen we weer tussen de graan-, mais- en korenvelden. Onder andere over de Bosmatenweg vlak onder het natuurvriendenhuis ‘De Braam’. Langs de Bosmatenweg zijn op 20 oktober 1995 28 eikenbomen geplant ter gelegenheid van de opening van het Noaberpad. Het gebied hier is plaatselijk bekend onder de naam ‘Oosterzendvelderveld’. Voor ons zien we de grens met Duitsland, die duidelijk wordt gemarkeerd door een brede bosrand. Bij grenspaal ‘834d’ steken we de grens over Duitsland in. Gelijk rechtsaf een klein smal paadje op langs een maïsveld om dan in het bos te verdwijnen.  

We passeren de afslag van het ‘Overijsselpad’ en het ‘Trekvogelpad’. Het Overijsselpad loopt van  Enschede naar Steenwijk. Het Trekvogelpad van Enschede naar Bergen aan Zee. Twee mooie wandelpaden die we mogelijk in de toekomst gaan lopen. 

Door de Duitse bossen van natuurreservaat “Lüntener Fischteich” is het genieten geblazen. Veel groen, een groot meer en heidevelden. Altijd jammer als je daar weer snel doorheen bent. Verder langs de grens gaan we richting een voormalig grensplaatsje Oldenkott. Onderweg pauzeren we nog even bij een ander meertje gelegen op de grens van het natuurreservaat en het open landschap met haar akkers. Het meertje is kennelijk kunstmatig aangelegd en vormt precies een tweebenige driehoek. Maar het ligt er fraai bij en we zien kleine blinkende visjes uit het water springen. Van plezier nemen we aan. Een houten picknickbank verhoogt het aangename verblijf hier op deze plek. We zien een tiental medewandelaars van het Noaberpad passeren. Voor het eerst deze twee dagen. Waarschijnlijk mooi-weer-lopers! 

We wandelen verder over een halfverharde weg langs het ‘Ammeloër Venn’. Diverse grenspalen rechts van ons geven aan dat Nederland niet echt ver weg is. Vele meertjes met grote en kleine watervogels zien we aan onze rechterhand. Volgens de wandelgids een gebied waar veel adders zitten. Deze slangen zorgen er weer voor dat de wandelaars netjes op de paden blijven. Een prachtig evenwicht. 

Het landschap is open en uitgestrekt met slechts hier en daar een perceeltje bos. We zien Oldenkott aan de horizon verschijnen. Het kleine dorpje heeft enkele oude vakwerkhuizen en huisjes. Heel mooi en sfeervol en ook weer typisch Duits. Vlak voor de voormalige grensovergang naar Nederland slaan we linksaf in de richting van de beroemde beek ‘Berkel’. Het landschap is weer wat glooiend en duidelijk is waar te nemen dat de Berkel zich er met wat moeite door heen moet kronkelen en persen. Uitgesleten beddingen zijn het eeuwenlange resultaat. Als we de brug over de Berkel gepasseerd zijn moeten we iets omhoog lopen naar het buurtschap Geling. Volgens de gids is hier een bushalte. We kunnen het ons nauwelijks voorstellen.  

Via asfaltwegen, koren- en bospaadjes zien we rechtsvoor de kerktoren van buurtschap en grensovergang Zwillbrock. Het eindpunt van vandaag. Nog een kilometer of anderhalf. We kijken reikhalzend uit naar de volgende etappe, omdat aan de andere kant van Zwillbrock een groot natuurgebied ligt waar o.a. een flamingopopulatie verblijft. Biologen schijnen dit niet te kunnen verklaren. Maar de natuur is vaak niet te verklaren, hoe graag we dat als mens ook willen. 

Onder een blauwe lucht en een stralende zon wandelen we even na 17.00 uur Zwillbrock binnen. Moe maar wel zeer voldaan. Zowel gisteren als vandaag prachtige dingen gezien, geroken en gehoord. Twente en de Achterhoek is heel mooi. Is wat wandelen betreft zeker kicken! Maar je kunt er ook geweldig fijn fietsen. 

Voorlopig zit het wandelen er voor ons even op. De zomervakantie staat voor de deur, maar er spelen ook een aantal andere feitelijkheden mee. Hedzer gaat naast zijn werkzaamheden bij een Nederlandse bank een aantal dagen als ICT-er werken bij een bekende Friese voetbalclub op hoog niveau. De eerste maanden zal dat veel tijd en energie van hem vergen. Wim verlaat per 1 augustus zijn werkplek op het kantoor in Groningen en gaat naar Noordwest Friesland. Ook voor hem een nieuwe en gewenste uitdaging, die de eerste maanden de nodige energie en tijd zal kosten en mogelijke consequenties heeft op werk- en privé-gebied. Kortom de eerste maanden zal het wandelen waarschijnlijk stil liggen. We hopen in oktober of november weer verder te kunnen en de draad van het wandelen op te kunnen pakken. Al was het maar om het mooie Noaberpad af te ronden. Want het is beslist een heel fraai wandelpad.

Naar volgende etappe: Zwillbrock-Oeding

 

fotoshow