Header image  
de wandelsite van
Wim Alberts en Hedzer Kooistra
 
line decor
  
line decor
 
 
 
 

 
 

Het Noaberpad

7e etappe
de Lutte-Enschede 28 km
25 Juni 2004

De weergoden hebben het even met ons gehad. Ze zijn ons duidelijk niet goed gezind. We zijn met Hedzer zijn auto onderweg in de richting van het Twentse dorpje De Lutte, terwijl het buiten spoelt van de regen. De wolken laten met hun dichtheid, grauwe kleur en bijna zichtbare waterballast weten niet van plan te zijn ons met rust te laten. Het is 8.30 uur als we het kerkplein in De Lutte, ons startpunt vandaag,  oprijden om de auto te parkeren. Een autorit van ruim 2½ uur hebben we er inmiddels op zitten. Enigszins verstijfd en nog wat suf stappen we uit de auto. Eerst maar even een kop koffie. Schuilend onder de openstaande achterklep van de auto lukt het de koffie om onze lijven weer wat op gang te krijgen. Maar dat valt beslist niet mee in dit koude en regenachtige weer. En toch …… toch heeft ook dit weertype wel iets speciaals. Want als we de dorpskerk gepasseerd zijn en daarna in het dampende bos opgaan horen we alleen de stilte. Een fenomeen wat we eerder meegemaakt hebben; als het regent houdt de natuur zich stil en slaapt kennelijk wat langer uit. 

Via  - afwisselend lange rechte stukken en slingerende -  bospaden laten we De Lutte achter ons. We kruisen daarbij de spoorlijn Oldenzaal – Osnabrück en de autosnelweg A1 Hengelo - Osnabrück. Allemaal mensenwerk hier midden in een prachtig stuk natuur. Onderweg hebben we ook een “ontmoeting” met de wandelpaden ‘Töddenweg’ en ‘Fabriceurspad’. Zij ‘lopen’ een stuk met ons mee. Na enkele kilometers zoeken zij gezamenlijk hun eigen richting en proberen ons over te halen hen te volgen. We kunnen de verleiding weerstaan en blijven trouw aan ‘ons’ Noaberpad. Zo makkelijk zijn we niet over te halen. 

Naarmate de tijd verstrijkt zien we dat het aaneengesloten bos zich steeds meer versnipperd in bospercelen, die worden afgewisseld door open terreinen, gevuld met grazende koeien, maïsvelden en  graan- of tarwesoorten. Ook met de nog steeds naar beneden vallende regen een mooie omgeving. En alles ziet er zo groen en fris uit. Aan de randen van de bospaden en akkers staan groepjes vingerhoedskruid. Alsof ze de weg voor ons willen markeren. In allerlei kleuren, zoals paars en wit en lila. De bloemen van  vingerhoedskruid hebben een klokvorm en lijken op kaboutermutsjes. Een prachtig kruid, maar o zo giftig. Het vingerhoedskruid komt van nature in het wild in delen van Nederland voor. De aanblik en kleuren van dit kruid in deze groene maar regenachtig wereld doet ons besluiten een koffiepauze in te lassen. En daar staan we dan. Flink nat geregend, warm geworden door het wandelen, een prachtig zicht op kruiden, planten en bomen. Even verderop heeft een groepje pinken ons ontdekt en proberen in hun eigen taal met ons contact te zoeken. Helaas spreken en begrijpen wij hun taal niet. Even communiceren lukt dus niet  goed. Voor dat we het in de gaten hebben staan we daar zomaar 20 minuten weg te dromen en te genieten van deze wereld en de kop koffie. Het is inmiddels 9.30 uur. We gaan gauw weer verder. 

In de luwte van de bomen en hun bladerdak zien we groepen muggen. Ze dansen op de muziek, die wij niet kunnen horen. Het maakt ons wel nieuwsgierig. Maar wat we ook proberen, we horen niets. Alleen de stilte.

We zien nu ook regelmatig percelen weiland waar middenin een grote boom staat. Waarschijnlijk een schaduwplek voor het vee op warme en zonrijke dagen. We schatten de bomen op zo’n 100 tot 150 jaar oud. Opvallend is dat het bijna allemaal beukenbomen zijn. En dat is slim van die boeren. Want met hun schuin omhoog groeiende takken stroomt het hemelwater namelijk langs de boom naar beneden. Terwijl bij veel andere bomen het hemelwater druppelend van de bladeren en takken naar de grond valt. Alles wat dààr onder staat wordt dan nat.  

Via de ‘Judithhoeve’  - wat een prachtige boerderij met opstallen in een paradijselijke omgeving -  en het Oldenzaalsche Veen wandelen we het gebied ‘Achter het Deppenbroek’ binnen. We zien verschillende beken en beekjes in dit fraaie landschap druk bezig het water af te voeren naar voor ons onbekende bestemmingen. Een soort van spannend reisverhaal en niet ontdekt door Livingstone. Opvallend zijn de vele wilde planten en bloemen die langs de beekjes groeien en bloeien. Jammer dat we niet alle namen weten. We hebben wel het gevoel dat dit iets bijzonders moet wezen. 

Het is rond 12.10 uur als we net onder het buurtschap Glane ons buurland Duitsland in trekken. Voor de zoveelste keer tijdens het wandelen van het Noaberpad. Links voor ons zien we het voormalige klooster  Glane, waar de Syrisch-Orthodoxe bisschop voor Noordwest-Europa zetelt. 

We wandelen verder over Duits grondgebied in de richting van Glanerbrug. Voor ons ligt het spoorlijntje Enschede – Gronau. Opvallend is de aanblik van een typisch Duits spoorhuis met stationnetje en een oude schoorsteen. Alles gebouwd van rode baksteen en in een stijl die je het gevoel geeft de dertiger jaren binnen te stappen. Menig modelbouwer zal hier zijn hart op kunnen halen. Bij de spoorlijn gekomen zien we dat de doorgaande weg, geen doorgaande weg meer is. We slaan linksaf om het fietspad langs de spoorlijn te volgen, waar een toevallig passerend boemeltje  - ook al rood -  ons laat zien dat het ook sneller kan. Na ongeveer een kilometer bevinden we ons weer op de oorspronkelijke route. 

Voor de grensovergang naar Nederland bij Glanerbrug slaan we rechtsaf. De oude grenskantoren markeren een tijdperk waarin grensbewaking en douanecontroles heel gewoon waren. Wat lijkt dat allemaal alweer lang geleden. De grens bestaat visueel niet meer. 

We wandelen deels om en deels door Glanerbrug om via een route langs de Glanerbeek in een typisch maar vroeger o zo arm grensgebied te komen. We zijn de grens inmiddels weer gepasseerd en bevinden ons weer op Nederlands grondgebied. We zien en herkennen de gemengde bouwstijlen van Duitse degelijkheid en Saksische schoonheid. Je hebt hier wel het gevoel je op de rand van de wereld te bevinden. Voor ons zien we de contouren van het Aamsveen. Volgens ons gidsboekje een fraai natuurreservaat gelegen in een grenshoek tussen Glanerbrug en Enschede. Vroeger werd in het Aamsveen turf gewonnen. Via een smalspoortreintje werd deze grondstof afgevoerd.  

Op de Glanerbeekweg besluiten we een korte eet- en drinkstop te houden. Een zitgelegenheid is er niet, maar het fraaie zicht rondom houdt ons ‘overeind en staande’. Na een paar minuten horen we het geluid van twee kwebbelende mensen. Ze blijken fietsend de juiste weg te zoeken. Wij wijzen ze die. Dankbaar fietsen ze verder. Ze laten ons in alle rust en stilte achter, want het kwebbelen nemen ze gelukkig mee.  

Het Aamsveen is een werkelijk prachtig natuurgebied. Alleen erg drassig. Er had geen millimeter regen meer moeten vallen, anders was het onbegaanbaar geweest. Een route van enkele kilometers voert ons door dit veengebied met groepjes berkenbomen her en der verspreid. Een deel wordt pal op de grens gelopen, zo blijkt uit de verschillende grenspalen die we tegenkomen. Het is inmiddels 14.00 uur geweest en eindelijk droog geworden. Dan ziet de wereld er weer heel anders uit. Ook de vogels attenderen ons op het inmiddels droge weer. Nu de grijs-grauwe wereld langzaam wat meer kleur begint te krijgen, zien we ook veel jonge berkenbomen er verdord en verdroogd bij staan. Vreemd. Het veen is hier toch kletsnat en zompig. 

Als we het Aamsveen verlaten wandelen we via een lang en ‘uitgerekt’ fietspad in de richting van Enschede-Zuid. Een enigszins glooiend terrein vormt het sluitstuk van de fraaie en afwisselende wandeltocht van vandaag. In alle opzichten. 

Omstreeks 15.00 uur stappen we Enschede binnen. De buitenwijken versierd met allemaal oranje vlaggetjes vanwege het Europees kampioenschap voetbal. En we denken weer allemaal dat ‘wij’ de beste zijn. Waarschijnlijk worden we de komende week alweer uit die droom wakker geschut. We leren het ook nooit.  

Bij de halte ‘Hesselinklanden’ stappen we om 15.15 uur in de bus van Connexxion die ons, via een overstap, naar station Oldenzaal zal brengen en vervolgens naar ons startdorp De Lutte. Daarna rijden we met de auto naar Delden waar we in hotel ‘Het Wapen van Delden’ zullen overnachten. Omdat een deel van de mensheid de mening heeft dat mannen maar aan één kunnen denken, besluiten we ieder een eigen hotelkamer te nemen. Na een gezellig avondje Europees voetbal op de televisie gekeken te hebben zoeken we om 23.30 uur onze kamers op. Na zo’n dagje actief buiten zal slapen geen probleem zijn.

 Naar volgende etappe: Enschede-Zwillbrock

 

fotoshow