Header image  
de wandelsite van
Wim Alberts en Hedzer Kooistra
 
line decor
  
line decor
   
 
 

 
 

Handelsweg

8e etappe
Rijssen - Okkenbroek 22 km
Woensdag 2 juni 2010

Het is even voor achten als Hedzer zijn auto parkeert voor de kerk in Okkenbroek. Wij hadden niet eerder van dit plaatsje gehoord, maar het ziet er heel gezellig en fraai uit. Een Hoofd- of Dorpsstraat en enkele dwarsstraten. Een kerkje, basisschool en dorpshuis completeren het dorpje. Meer is het ook niet. Wat vooral opvalt is de prachtig natuur om het dorpje heen. Het is deze ‘natuur’ waar we vandaag gaan wandelen. De op één na laatste wandeletappe van De Handelsweg. Wat gaat het allemaal snel. Veel te snel.

Om klokslag 8.00 uur arriveert buurtbus 590, ofwel de vervoersader van Okkenbroek met de ‘grote’ stad Deventer. We zijn de eersten en enigen die op dit startpunt van ‘590’ instappen. We moeten een kaartje kopen, omdat de strippenkaart of ov-chipcard in deze buurtbus niet gebruikt kan worden. Een enkele reis per persoon naar NS-station Deventer kost € 1,80. Geen gekke prijs. Achter het stuur de 68-jarige Jos. Een bijzonder gezellige man, die op vrijwillige basis als één van de chauffeuren optreedt op de ‘590’. “Elke woensdagmorgen”, roept hij. Het levert Jos geen enkele stuiver op, maar hij ziet het grote belang van deze buurtbusverbinding. Jos ziet het als zijn plicht hier enkele uren per week in te stoppen, zodat de bus kan blijven rijden.

Om 8.09 uur  - Jos is heel stipt, want een passagier heeft eens geklaagd dat hij 1 minuut te vroeg vertrok -  drukt Jos op een knop waarna de toegangsdeur zich sluit. Wat een techniek! Na het wat heen en weer bewegen en rammelen van de versnellingspook, drukt hij deze uiteindelijk in de ‘één’, geeft wat gas bij, met als gevolg dat de buurtbus brommend en krakend in beweging komt. “1 September komt de nieuwe bus” voegt hij er na deze handelingen aan toe. Even buiten Okkenbroek stapt een bejaard echtpaar in de  buurtbus. Ze moeten naar het ziekenhuis in Deventer. Mevrouw heeft wat ‘ditjes en datjes’. Manlief kijkt intussen verveeld naar buiten. Ach, hij zal haar verhaal intussen wel kunnen dromen. Onderweg lukt het chauffeur Jos de aandacht te verplaatsen naar een ander onderwerp; “Daar komt mijn vrouw vandaan” schalt het door de bus. Jos wijst daarbij naar een rechts verderop in het weiland staande boerderij. Zelf komt Jos uit Vroomshoop, zo’n 50 km hier vandaan. Gezellige vent die Jos. Hij weet ons heel wat te vertellen over de omgeving waar we doorheen rijden. De bejaarde vrouw kijkt wat sip voor zich uit. Ze had zich deze reis, met die andere passagiers uit den vreemde, zo heel anders voorgesteld.

Rond 8.30 uur rijden we het ziekenhuisterrein op en stoppen voor de hoofdingang. Het bejaarde echtpaar stapt uit, nadat met chauffeur Jos de afspraak is gemaakt dat hij hen om 11.30 uur weer oppikt. En daarna rijden we snel verder. Al gauw flaneert Jos zijn bus door de vele straten en steegjes van Deventer en stopt uiteindelijk voor het NS-station. Het is 8.50 uur. We hebben precies 5 minuten om onze trein richting Rijssen van 8.55 uur op te zoeken.

Het is 9.15 uur als we in Rijssen uit de trein stappen. Om ook vandaag te kunnen genieten van verse harde bolletjes met ‘Old Amsterdammer’ er tussen besluiten we even langs de warme bakker aan de Boomkamp tegenover het station te gaan. Om 9.30 uur starten we op de kruising onze wandeletappe van vandaag. Slechts 22 km lang, opnieuw prachtig wandelweer en heel veel wandelzin.

Het eerste gedeelte van de tocht levert geen bijzondere kijk- en luistermomenten op. Het is vooral fabriek wat we zien. ‘Hoogtepunt’ van dit fabriekspark is een opvallend en groen schaalmodel van het Vrijheidsbeeld. Het staat op een door een klimop overwoekert gebouw of wat het ook wezen mag. Om 9.45 uur laten we Rijssen en het fabriekspark achter ons. We wandelen het watertje ‘Maatgravel’ over en stappen iets verderop linksaf het ‘Noorderbosch’ binnen. De vogels begroeten ons op gepaste wijze. Na ruim een kilometer vervolgen we onze route via smalle asfaltweggetjes die worden afgebakend door eikenbomen  - een deel is bladloos door de rupsen -  en de veelvuldige aanwezigheid van weelderig bloeiend ‘fluitenkruid’, of is het toch ‘fluitekruid’. De Friese taal heeft voor dit ‘kruid’ prachtige namen; ‘piipkrûd’, ‘kikkertskrûd’, ‘spoekeblom’, ‘hûnestang’ en ‘stjonkeblom’.

We volgen braaf de aanwezige rood-wit markering en genieten van het zo fraaie ontspruitende lentegroen. Een groenheid die alleen in de lente zichtbaar is. Snel zal door stof, droogte en vervuiling het lentegroene van de bladeren verdwijnen.

Verder over zandwegen, met prikkeldraad afgebakende paden, over beken en beekjes en langs statige boerderijen met daar omheen weidse uitzichten gevuld met bloeiende planten en struiken. Het fluitenkruid domineert. Maar het past gewoon allemaal. Daartussen nieuwsgierige paarden en koeien. We trekken vooral bij hen de nodige aandacht. Die dieren blijven fascinerend.

We zien voor ons aan de horizon de Holterberg verschijnen. Deze roept direct herinneringen op van het prachtig wandeldeel van het Pieterpad. Straks kruisen beide paden zich.

Kort na 11.00 uur laten we het coulisselandschap  - wat we zo prachtig vinden -  achter ons en wandelen  het bosgebied van de Holterberg binnen, onderdeel van de Sallandse heuvelrug. De hoogtelijnen op het kaartje in het gidsboekje gaven het al aan; veel ‘vals plat’ en een enkele stevige stijging van het pad. Maar dat is nu juist zo fraai aan dit natuurgebied met zijn ‘berg’. De ontstaansgeschiedenis voert ons terug naar de voorlaatste ijstijd zo’n 200.000 jaar geleden, toen landijs deze stuwwal opwierp. Rechts naast het pad zien we enkele grote mierenhopen. Nadere bestudering levert op, dat het nesten zijn van rode en zwarte bosmieren. Het krioelt er van en heel even stil staan levert direct ‘gasten’ op ons lijf op.

Aan de rechterhand op een hoek verschijnt de Canadese Begraafplaats. Hoewel haar aanwezigheid is verbonden met een inktzwarte periode in Europa, is de begraafplaats bijzonder fraai aangelegd. Vele soorten en kleuren rododendrons sieren de parkachtige begraafplaats. Op de Canadese begraafplaats hebben naast 1355 Canadezen ook 36 Britten, 2 Australiërs en 1 Belg hun laatste rustplaats. Het is heel indrukwekkend.

We staan stil bij het graf van de Friese Geale Visser van ‘The Algonquin Regiment’, een Canadees Infanterie Regiment. De grafsteen ‘vertelt’ dat Geale is gesneuveld op ‘23rd April 1945 Age 24’.
Geale blijkt te zijn geboren in Haskerhorne, Frieschland, Holland.
Als bijbeltekst heeft Geale meegekregen: ‘Job 19. 25-26 (“Ik weet: mijn Redder leeft, en Hij zal ten slotte hier op aarde ingrijpen. Hoezeer mijn huid ook is geschonden, toch zal ik in dit lichaam God aanschouwen”).
We worden er stil van. Het geheel van wat we hier aanschouwen maakt diepe indruk op ons.
We besluiten bij een bank op de begraafplaats te blijven om te eten, zodat we e.e.a. goed in ons op kunnen nemen.
Tientallen lieveheersbeestjes vliegen om ons heen. Voor ons in het gras vindt een heuse orgie door lieveheersbeestjes plaats. Ook al is deze plek nog zo bijzonder en nog zo stil, de natuur gaat door.

We wandelen over de zuidflank van de Holterberg en staan stil bij de doorkijkjes die veel uitzicht bieden. In de verte zien we de kerktoren van Bathmen. Verder bossen, heide, grazers en hoogspanningsmasten. Het is te heiig om de IJsselcentrale bij Zwolle te zien. We zweten inmiddels behoorlijk. Het zal een graad of 22 zijn. De ‘heuvels’ en de rulle zandpaden kosten ons de nodige inspanningen.

We verlaten aan de westkant de Holterberg via ‘Het Numendal’ en het bijbehorende bosgebied. De ‘ontmoeting’ met het Pieterpad was van weinig emotionele waarde. We herkenden het gedeelte maar vaag en waren daarnaast nog te veel gegrepen door de prachtige Handelsweg, maar vooral de ‘ontmoeting’ met de Canadese Begraafplaats en de rustplaats van Geale Visser en al zijn kameraden.

Via het bosgebied rond het buurtschap ‘Espelo’  - heel bijzonder die basisschool ‘Bosschool’ midden in het bos -  wandelen we over het schoolplein om verder in het bos op te gaan. Als we even later het bos uitwandelen zien we voor ons het zo geliefde landschap van weilanden, bospercelen, boerderijen en heel veel grazend vee. Aan de horizon het puntje van de kerktoren van Okkenbroek. Het einddoel van vandaag is dus in zicht. Eigenlijk wel jammer, want ook vandaag was het een geweldige wandeltocht. Ook vandaag weer veel oude paden bewandeld en gezien, want er zijn genoeg gedeelten die niet meer als zodanig gebruikt worden. Maar ze zijn zo herkenbaar aanwezig vanwege de op rij staande eiken- en beukenbomen in het landschap. Je kunt je daarbij zo duidelijk een voorstelling maken hoe eeuwenlang de infrastructuur  moet zijn geweest. In een tijd dat alles nog ‘zoveel uur gaans’ was. Geen fiets, geen auto, geen openbaar vervoer. Slechts een enkele kar of koets voor de rijken. Lifters kenden we nog niet.

Om 15.20 uur wandelen we dat prachtige plaatsje Okkenbroek weer binnen. Langs het ‘Motorfietsmuseum’ annex ‘Smederij’ en genietend van de zo ruim voorradige rust in dit dorpje. Wie zou hier nu niet willen wonen.

 

Naar volgende etappe :Okkenbroek - Deventer

fotoshow