Header image  
de wandelsite van
Wim Alberts en Hedzer Kooistra
 
line decor
  
line decor
   
 
 

 
 

Handelsweg

7e etappe
Zenderen - Rijssen 30 km
Donderdag 29 april 2010

Na een uitgeruste nacht gevolgd door een stevig ontbijt in Hotel “Het Wapen van Delden”, stappen we even voor achten op de p-plaats achter het hotel in de rode ‘Picasso’ van Wim. Een nieuwe dag, dus nieuwe wandelkansen op de dagetappe Zenderen – Rijssen. Ofwel een etappe van zo’n 30 km lengte. Het weer belooft veel goeds vandaag en het ziet er naar uit, dat we snel in de korte mouwtjes kunnen gaan wandelen. Het zonnetje doet zijn uiterste best door de dunne sluierbewolking heen te breken en volgens menig weerman cq –vrouw gaat haar dat ook lukken vandaag.

Voordat we naar de Jumbo-parkeerplaats tegenover het NS-station Rijssen rijden om de auto te parkeren, duiken we even de straat ‘Boomkamp’, vlak tegenover deze p-plaats, in. Daar hebben we een bakkerszaak ontdekt om verse harde broodjes te kopen voor onderweg. Wim heeft van huis een pak gesneden ‘Old Amsterdam’ kaas meegenomen en dat smaakt er uitstekend bij. Heerlijk van smaak en goed voor de (lekkere) trek tijdens het wandelen.

Na ingestapt te zijn in de bus van lijn 91 rijden we richting Almelo Centrumplein. Daar moeten we overstappen op buslijn 51 die ons naar halte ‘Old Coopers Hall’ te Zenderen zal brengen. Een bijzondere naam voor een bushalte. Het blijkt de naam te zijn van de centraal in Zenderen gelegen Schotse bistro "Old Coopers Hall" te zijn. Een sfeervol ingericht Schotse restaurant, met een knusse Schotse pub. Misschien sponsor van de bushalte?

We hebben pech bij de overstap in Almelo. Bus 91 komt enkele minuten te laat aan om te kunnen overstappen op de bus naar Zenderen. De 2 minuten overstaptijd leek ons vooraf al aan de krappe tijd. Maar het is mooi weer en de marktkooplui zijn op het plein de marktkramen aan het opzetten. Kennelijk is woensdag dé markdag. Genoeg te zien dus. Er is in Almelo dus meer te doen dan het “verkeerslichtrood en –groen” zoals Herman Finkers placht te verkondigen.

Na ruim twintig minuten arriveert de bus van 9.21 uur richting Zenderen. Met de eerste bak koffie klotsend in de maag stappen we in. Hedzer showt de in de vorige bus afgestempelde strippenkaart aan de buschauffeur en probeert hem uit te leggen over het ‘hoe en wat’. De buschauffeur blijkt al op de hoogte te zijn van het spel ‘der strippenkaarten’ en wuift de uitleg van Hedzer met een eenvoudig handgebaar weg. Wij gaan zitten, na uitgebreid de juiste stoelen te hebben uitgezocht. We zijn de enigen in de bus. Luxe hoor!

Rond 9.40 uur stappen we in Zenderen uit bij “Old Coopers Hall”. De chauffeur vervolgt samen met de bus zijn weg richting Hengelo. Ze zouden hier wel eens wat meer reclame mogen maken voor het openbaar vervoer. De chauffeur verdient ze echter zo vrij makkelijk. Wie is nu slim?

We hijsen onze rugzaken op de ruggen, oriënteren ons even door goed en scherp rond te kijken, blikken even ter kennismaking in de zon en gaan op stap in de richting van de iets verderop gelegen rotonde. Het is 9.45 uur, we starten met een volgens het boekje prachtige wandeletappe. Een warme zon aan het blauwe, wel iets bleke, omspansel en een licht maar afkoelend briesje vanuit het westen. Heerlijk.

Bij de rotonde slaan we rechtsaf en wandelen over de Carmelitessenweg in de richting van het 200 meter verderop gelegen klooster der Carmelitessen. Aan weerszijden van de smalle verharde weg staan volwassen eikenbomen met heerlijk frisse lentegroene bladeren. De eikenbomen aan de linkerzijde staan als soldaten tussen akkers en de weg in. Alsof ze op wacht staan om te zorgen dat dit prachtige deel van Zenderen blijft zoals het al eeuwen is. Wij steunen de bomen. Zou prinses Irene hier een bezoekje hebben gebracht?

Als we het klooster naderen, horen we een brommend motorgeluid. Alsof er iemand op een oude maar respectabele ‘Harley Davidson’ rond rijdt. Dichter bij het klooster gekomen zien we een heel oude en ietwat krom lopende non een ‘bezemmotorwagen’ op twee wielen besturen. Het lijkt erop, dat het krom lopen van de non in de loop der tijd is ontstaan door de combinatie van het besturen van dit wonderlijk voertuig en het gelijktijdig proberen te kijken wat er voor de ronddraaiende borstel gebeurt. Immers de opgewaaide bladeren moeten verwijderd worden van de weg die voor het klooster langs loopt. De non gunt ons een blik gedurende een tijd, die zeer waarschijnlijk niet waarneembaar zal zijn geweest wanneer deze was opgenomen met het meest kostbare en professionele model stopwatch.

We wandelen verder de prachtige laan door om bij de ‘Hondehoek’ linksaf te slaan richting de spoorlijn. We zien een ‘koploper’ van de NS rijden in de richting van Hengelo en Enschede. Prachtig gezicht vindt Wim. Hij is altijd wel geboeid door treinen en vliegtuigen. Het idee dat massa’s mensen, in de tijd dat je zelf wandelt, vaak tientallen tot honderden kilometers verder zijn intrigeert hem!

We steken het spoor over en maken al wandelend een wijde boog om de plaats Borne, waar we dan ook weinig van zien en meekrijgen. Alleen de robuuste kerktoren houdt ons sinds de etappe gisteren al enige tijd in de gaten.

Na een paar kilometer langs prachtig bloeiende koolzaadvelden en daar net bovenuitstekende Saksische boerderijen passeren we via een onderdoorgang, een tunnel, de autosnelweg ‘A1/A35’. De vele voertuigen schieten boven ons langs een spoor van lawaai en uitlaatgassen achterlatend. Wij zeggen er niets over. We zijn zelf met de auto gekomen om hier een stukje te wandelen. Tja ……
Even voor de tunnel zien we een eiken- en een beukenboom als symbionten innig in elkaar verstrengeld. Ze zijn allebei even groot dus is er van een ‘gastheer’ hier geen sprake. Een wondertje van de natuur. Fraai hoor!

We volgen de bebossing van het talud van de snelweg. Aan de rechterhand een door een graafmachine gecreëerd waterloopje met her en der eilandjes. Enkele eenden hebben van het loopje met haar nog kale oevers bezit genomen. Luid kwakkend roepen ze naar elkaar of bedreigen geslachtsgenoten om toch vooral uit de buurt te blijven. Dat laatste geldt uiteraard alleen voor de wat agressieve mannetjes. Mannen, net als bij die eenden, je kunt er eigenlijk maar weinig mee. Ja … wandelen!

Een paar honderd meter verder maken we een scherpe bocht naar rechts en ligt een lang en kaarsrecht zandpad voor ons. Een hele sjouw door het mulle zand in een prachtige Twentse omgeving. Bij de asfaltweg slaan we rechtsaf, volgen een kronkelend pad, slaan weer rechtsaf en komen uiteindelijk uit voor de oprit van een fraaie maar afgelegen boerderij. Links voor een slagboom staat een vierwielig karretje met daarop een rieten mand waarin allerlei soorten eigengemaakte jam en sapjes worden aangeboden. In het vertrouwen dat de afnemer contant betaalt. Wij maken er geen gebruik van en passeren de slagboom om verder te wandelen in de richting van de ‘Noordmolen’. Via heidevelden en bosgebieden komen we uiteindelijk bij deze oude waterradmolen uit. Picknickbanken lonken naar ons en wij laten ons verleiden er gebruik van te maken en even wat te eten en te drinken. Een ouder echtpaar nadert via het fietspad op de fiets en we zien en horen ze al van verre tegen elkaar mompelen. We vermoeden, dat we ‘hun’ picknickbank in bezit hebben genomen. Als ze van de fietsen afstappen, nodigen we ze uit bij ons te komen zitten en voordat we het in de gaten hebben houden beiden een warm, enthousiast maar langdurig betoog over hun leefomgeving hier in Twente. Als we ze gedurende één van de weinige korte adempauzes die zij zich zelf gunnen vertellen dat we uit Friesland komen, valt het even stil. Daarna gaan ze vrolijk verder over het onderwerp Friesland. We vinden het wel grappig en uiteindelijk lukt het ons afscheid van hen te nemen. De volgende slachtoffers naderen op hun fietsen. Zij mogen het ‘stokje’ overnemen.

We wandelen verder en lopen rechtsom om de hoog gelegen ‘Deldeneresch’ heen. Bijzonder fraai. In de luwte van deze ‘esch’ wordt het wel steeds warmer. De eerste zweetdruppeltjes verschijnen op rug en gezicht. Maar het nog steeds aanwezige briesje houdt het prettig voor ons. Even verderop passeren we een bijzonder fraai landhuis of eigenlijk is het meer een Jachthuis. Voor ons in zuidelijke richting de watertoren en de Blasiustorens van Delden. We volgen het omgeploegde en daardoor slecht beloopbare zandpad om even verderop rechtsaf te slaan in de richting van het ‘Elbertsbosch’ en het Zijkanaal (van het Twentekanaal).

Via een smalle stalen boogbrug, de Warmtincksebrug, steken we het kanaal over en volgen aan de overkant  de oever in dezelfde richting als waar we vandaan gekomen zijn. Na een paar honderd meter moeten we volgens het gidsje en de markering linksaf de Hagenweg op. Ook hier een lang recht stuk te gaan. Links en rechts paarden en koeien in de weilanden, die worden afgewisseld door diverse bossage. Een paard ingepakt in een lilakleurig pak staat er wat treurig bij. Hedzer geeft aan dat dit ‘pak’ het paard beschermt tegen steekvliegen en dergelijk ongedierte. Even verderop ligt een groep lichtbruine koeien te rusten en  te herkauwen in de schaduw van een grote en oude boom. Want de zon staat inmiddels al hoog aan de hemel en haar stralen zijn behoorlijk warm.

We steken de ‘A1’ over en passeren het plaatsje Enter. We laten het dorpje letterlijk links liggen om na enkele kilometers de linker oever van het bekende riviertje de ‘Regge’ te volgen. Een Oer-Hollands riviertje, wel inmiddels gekanaliseerd, waar het water traag stroomt in westelijke richting. Waar het uiteindelijk zal uitmonden is ons niet bekend. Het gidsje geeft aan ‘dat we via een boerenerf en een koeientunneltje onder de weg doormoeten wandelen’. De praktijk leert ons, dat we langs het afgeschermde boerenerf wandelen en via de weg oversteken. Het tunneltje is om wegwerkzaamheden  afgesloten. Voor de koeien en voor de wandelaars. Aan de andere kant van de brug vervolgen we de linkeroever van de Regge. Weidse landschappen bieden uitzicht op de horizon en het einddoel van vandaag; Rijssen. Vogels dartelen nieuwsgierig om ons heen, een enkele koe kijkt naar ons op en vanuit tegenovergestelde richting nadert een grote stofwolk. Het blijkt een tractor te zijn die met een aangehaakte eg het land zo vlak onder de dijk egaliseert. Het geeft aan, dat Nederland al geruime tijd aan de droge kant is. Wat regen zou meer dan welkom zijn.

Via eeuwenoude paden nadert Rijssen steeds sneller. Wandelend langs beide zijden van een brede sloot belanden we in het park van Rijssen, waar een pas geland circus met geel-blauwe tenten en wagens de aandacht trekt. Schotten ontnemen niet betalende nieuwsgierigen het zicht. Dat was vroeger wel anders, als je rustig langs de hokken van de leeuwen, tijgers en beren kon wandelen. Dat is er tegenwoordig niet meer bij. Het is ook wel een beetje een zielig gezicht, zo’n majestueus dier in zo’n klein en armentierig hokje.

Via het Volkspark, met werkelijk prachtige oude bomen en het bijbehorende parkgebouw, staan we aan de rand van de oude kern van Rijssen. We volgen de nauwe en oude straatjes en komen uit in het winkelhart van de plaats. Veel winkels, veel winkelend publiek en gezelligheid is wat we zien en horen. Het bruist hier kennelijk. Even verderop slaan we rechtsaf de ‘Boomkamp’ in, de straat waar we vanmorgen broodjes bij de bakker hebben gekocht. We menen herkenning te bespeuren bij de prachtige dames achter de toonbank, maar vermoedelijk is deze wens de vader van onze gedachten. Nog een minuut of tien en dan stappen we het p-terrein weer op. Voorbij prachtige wandeling, voorbij prachtige en warme wandeldag. Het was ook vandaag weer zeer de moeite waard. Nog twee etappes te gaan. Dus we moeten zo langzamerhand beginnen na te denken over het vervolg op De Handelsweg. Ach, we zien het allemaal wel.

Naar volgende etappe: Rijssen - Okkenbroek

fotoshow