Header image  
de wandelsite van
Wim Alberts en Hedzer Kooistra
 
line decor
  
line decor
   
 
 

 
 

Handelsweg

5e etappe
Bad Bentheim-Oldenzaal 26 km
24-02-2010

Nog wat napratend over de “foute” wissel van Sven Kramer gisteravond in Vancouver tijdens de 10 km race, die hem uiteindelijk het “goud” kostte, rijden we richting NS station Oldenzaal. Wim heeft Hedzer vanmorgen om 5.30 uur opgepikt bij zijn huis en via Drachten, Beilen, Hoogeveen, Ommen en Raalte rijden we in een rustig tempo richting het NS station. De routeplanner adviseerde de snelweg te nemen via Heerenveen en Zwolle, maar dat is 50 km om. En ach, we hebben de tijd vandaag. Het is bewolkt en de temperatuur is de laatste dagen voor het eerst sinds vele weken voelbaar boven nul. Heerlijk te weten, dat zo langzamerhand de lente in aantocht is. Dat voelt goed.

Even voor achten staan we op een p-plaats naast het station Oldenzaal. Om 8.34 uur gaat onze dieseltrein  - hier rijdt nog de ‘Buffel’ -  richting Hengelo, waar we over moeten stappen in de internationale trein Amsterdam – Berlijn. Via de ticketautomaat konden de treinkaartjes voor deze internationale treinreis aangeschaft worden. Reuze makkelijk allemaal. In een luxe  2e klas treinwagon laten we het landschap voorbij zoeven. We passeren een aantal overgangen, riviertjes en beken, die we straks al wandelend ook weer zullen ontmoeten. Maar dan in omgekeerde richting.

Om 9.20 uur stappen we uit op ‘Bahnhof’ Bad Bentheim. We moeten ruim een kilometer lopen om op de Bismarckplatz de wandelroute van de Handelsweg weer op te kunnen pakken. En daarvandaan voert de route ons door een glooiend tot heuvelachtig landschap over een afstand van 26 km naar Oldenzaal. Halverwege stappen we ‘ons’ Nederland binnen.

Het is na half tien als we de Bäckerei met een zak vol verse “normal brötchen” verlaten en beginnen aan de 5e etappe van De Handelsweg. De laatste etappe die ons door Duitsland zal voeren en uiteindelijk Nederland zal voorschotelen. Een beetje jammer vinden we dat wel, want het beviel ons eigenlijk wel goed hier. Het weer is wat nevelig en de temperatuur zal zo rond de 4 graden zijn. Door de nevel voelt het overigens wat waterkoud aan.

Via de kinderhoofdjes, in waaiermotief bestraat, wandelen we in alle rust door het oude deel van het stadje Bad Bentheim. Aan weerszijden van de straat oude panden waar winkels in gevestigd zijn. Her en der een vakwerkpand. We komen nog maar weinig mensen tegen. Duitsland moet nog wakker worden. Een enkeling laat zijn of haar hondje uit, maar dan hebben we het ook wel gehad. Ons bevalt die rust wel. Mede door het nevelige weer geeft dat de omgeving iets mystieks.

Na een paar minuten arriveren we aan de voet van het grote kasteel  - of burcht, ach het is ons om het even -  welke Bad Bentheim zo bijzonder heeft gemaakt voor de vele Nederlandse toeristen, die hier elk jaar maar weer op af komen. Is ’t ie nou zo bijzonder of komt het omdat wij Nederlanders dat kenmerkende heuvellandschap met de kastelen en burchten, dat romantische, zo missen in ons eigen landje. Wij weten het antwoord niet, maar besluiten van een uitkijkpunt vlak voor de burcht gebruik te maken voor een kleine maaltijd. De verse en nog enigszins warme brötchen jeuken ons behoorlijk op de rug. Ze willen begeert en opgepeuzeld worden. We willen er maar al te graag aan voldoen. Met een heerlijke plak ‘Old Amsterdammer’ ertussen. Terwijl we volop genieten van de broodjes kaas en de warme kop koffie kijken we toch ook even rond. Vanwege de nevel kunnen we vanaf het uitzichtpunt niet echt ver kijken. Maar toch onderscheidt zich duidelijk het achterliggen heuvelachtige landschap in een contrastenwereld van grijswaarden, waarin vooral bomen een zwarte hoofdrol spelen.
Takken, stil glinsterend door het nevelvocht, scherp afstekend tegen hun grijze en futloze achtergrond. Een eenzame boom houdt als bladerloos skelet de wacht voor de burcht. In het smalle en vochtige strookje gras voor de burchtommuring lopen wat schapen onrustig heen en weer.  En wij, wij genieten van brood, koffie en de wereld om ons heen. Het is best wel heerlijk om mens te zijn. Je verheven voelen boven alles en toch eigenlijk helemaal niets voorstellend.

Het is even na 10.00 uur als we verder wandelen en al vrij snel het kleine stadje achter ons laten. We slaan rechtsaf een bospad in en volgen het met dode bladeren versierde pad. Het is goed dat her en der wat merktekens, de bekende witte “T” op een zwarte achtergrond, te zien is want door de bladeren heeft het bospad een schutkleur gekregen en is haar loop moeilijk te onderscheiden. Na een paar honderd meter worden we door een majestueuze beukenboom verwelkomd. Een buitengewoon mooie boom met een stelsel van wortels, die als machtige spierbundels de greep op aarde houden. Indrukwekkend hoor. Nee, we stellen niet zoveel voor. Even later wandelen we het bos alweer uit en voor ons spreidt zich een heuvelachtig akkerlandschap ten toon. De nevel trekt wat op. Het wordt lichter in de wereld om ons heen.

Via een landweggetje belanden we op een smalle asfaltweg. Om ons heen zaai-gereed akkerland en een enkele nog niet omgeploegde maïsakker, waar troosteloos de boven de zwarte aarde afsneden bruine stompen herinneren aan een ooit prachtig en volgroeid maïsveld. Groepjes huizen markeren buurtschappen en we zijn verrast door de grote percelen grond om de woningen en die ultieme rust wat alles uitstraalt.

Om 10.45 uur wandelen we het dorp Gildehaus binnen. Een klein dorpje met een enkele dwarsstraat, waarin tussen het asfalt tevoorschijn gekomen kinderhoofdjes de oudheid verklikken. We volgen de kilometers lange en rechte weg, die ons na enkele minuten ook weer het dorpje uitvoert. We zijn verrast als we voor ons een heuse windmolen zien opdoemen. Het blijkt de “Ostmühle Gildehaus” gebouwd in 1750 op de Mühleberg te zijn. Gebouwd in een tijd dat hier waarschijnlijk geen (hoge) bomen groeiden. Tegenover de molen een fantastisch uitzicht in zuidelijke richting. Want de nevel en mist zijn inmiddels opgelost. Even rondkijken dus en van de vergezichten genieten.

We volgen de lange maar prachtige landweg, omzoomd door statige beukenbomen. Een stukje ‘holle’ weg voert ons uiteindelijk naar een spoorlijn. Het lijntje is inmiddels niet meer in gebruikt en komt zodoende uit het niets en voert naar nergens. We slaan voor het spoor linksaf en blijven deze een kleine kilometer volgen. Dan slaan we rechtsaf en steken de spoorlijn over. Onbewust kijk je bij het oversteken toch even naar rechts en naar links. Je weet maar nooit en het leven is te mooi om op zo’n armetierig, buiten gebruik zijnde en verlaten spoorwegovergangetje verrast te worden door een toevallig passerende (spook)trein. Verderop treffen we in het bos de “Hütte Ravenhorst” aan. Een prachtige plek om even te lunchen. Het is inmiddels 12.30 uur geweest.

Langs de zandopslag wandelen we in richting van de grensovergang met Nederland. Het brede pad gaat, na wat links en rechts te zijn afgeslagen, over in een verhard fietspad. Een teken dat we Nederland naderen. Het land waar Nederlanders wonen, een eigenaardig volkje, waarvan bekend is dat het zeuren evenredig toeneemt met hun welvaart.

Het fietspad verdwijnt en verdwaalt in een hele grote en diepe plas regenwater. We moeten via het naastliggende maar o zo drassige weiland proberen de loop van het fietspad enigszins te volgen. Doen we dat niet dan komen we niet goed voor het withouten grensbruggetje uit en lopen we vast in een moerasachtig gebied. Een sprongetje hier en een grote stap daar brengt ons uiteindelijk droog op een weiland op ongeveer 100 meter voor de grensbrug. Het lukt ons op enkele meters voor de brug het daar droog gelegen fietspad te bereiken en veilig én met droge voeten Nederland binnen te wandelen. We herkennen het bruggetje inderdaad van de omslag van het gidsboekje en proberen de foto na te fotograferen. En daarna …….. daarna stappen we definitief Nederland binnen en laten het fraaie Duitsland achter ons. Het was ons een waar genoegen! En de klok die wijst 13.30 uur aan. We zijn het met elkaar eens, een werkelijk prachtige en verstandige tijd om Nederland ‘onder de voet’ te lopen.

Het landschap is ondertussen van heuvelachtig overgegaan in glooiend. Maar noch steeds even fraai. Een hoop te zien om ons heen. Bij de doorgaande weg slaan we rechtsaf om na een paar honderd meter linksaf een met twee rijen betonnen platen geplaveid pad op te gaan. Links een meertje omgeven met geknotte wilgen. Knotwilgen dus. Inderdaad, we zijn in Nederland. Het pad voert langs akkers, weilanden, bospercelen en een enkel huis waarvan de hond ons al op kilometers afstand verwelkomt. De wereld om ons heen ziet er heel afwisselend uit en de vele beekjes geven alles een on-Nederlands geheel. Dat komt natuurlijk ook omdat bij ons in Fryslân het woord beek eigenlijk niet bestaat. Daar staat dat alles stil !!

Om 14.00 uur wandelen we het “Duivelshof” binnen en voert ook hier een lange en slingerende landweg ons door bos en langs Hollandse akkers en weide. Het lukt het zonnetje om eindelijk door de wolken heen te prikken; wat direct de wereld meer kleur geeft. Gewoon volop genieten hier. Een paar hooi-etende paarden gunnen ons amper een blik en een vergaan graszodenbedrijf toont zijn gehavende grond waarop de ‘schaafwonden’ nog duidelijk zichtbaar zijn. Het is bijna zielig te noemen. Gelukkig moeten wij door en kunnen er niet te lang bij stil staan. Een houten wegwijzer op de plek waar twee zanderige landwegen elkaar kruisen toont ons een deel van de route van het Noaberpad. Hier hebben we in juni 2004 de etappe De Lutte – Enschede gewandeld. Leuk zo’n weerzien!

Na een aantal kilometers steken we via een fiets- en voetbrug de autosnelweg A1  - Amsterdam – Berlijn - over. Voor ons ligt Oldenzaal, eindpunt van deze dag. Via een fietspad, waar we veel last hebben van opdooi en sneeuwresten, wandelen we de bebouwde kom van Oldenzaal binnen. Dan direct rechtsaf om na een halve kilometer Oldenzaal weer achter ons te laten. Via Boerskotten wandelen we oostelijk in een wijde  boog om Oldenzaal heen. Ook hier een glooiend landschap met akkers en bos. Het blijft mooi. Bij de bosrand moeten we linksaf langs een akkerveld. Links op de hoek zien we een gedenksteen ter nagedachtenis aan Bertie Derksen, vermoord in 2003 en op deze plek dood aangetroffen. In de streek beter bekend als de “vadermoord”. Triest om te constateren, gauw verder maar.

We steken verderop de spoorlijn Amsterdam – Berlijn over, slaan linksaf om via een bosperceel, wat dient als hondenuitlaatplaats, Oldenzaal binnen te wandelen. Onderweg ontmoeten we nog enkele prachtige oude bomen. Wat kunnen zij veel vertellen over dit gebied en haar ontwikkeling. Na een paar honderd meter wijken we van de route af om richting NS-station te lopen. Voordat we het in de gaten hebben staan we alweer bij “Pico” de auto. Einde van een prachtige en zeer afwisselende dag. Zeer de moeite waard en een belangrijke schakel in De Handelsweg. En de klok? Die wijst 16.10 uur aan.

Naar volgende etappe:Oldenzaal - Zenderen

fotoshow